donderdag 25 april 2013
Dag 3: de zon als reisgezel
Vandaag beginnen we de dag net zo mooi als ze gisteren geëindigd is, letterlijk en figuurlijk. Het mooie weer zorgt al voor een goed humeur bij zowel begeleiders als leerlingen. Het is vandaag tijd om wegaanduidingen en vervoersmiddelen te leren! We beginnen met een verhaal waarin Dina alle middelen aanhaalt en aan de hand van tekeningen visualiseert. Daarna moeten de leerlingen zelf aan het werk en het verhaaltje navertellen in eigen woorden: wie gaat met welk vervoersmiddel naar waar? Dit lukt bijzonder goed, misschien zelfs beter dan verwacht. Daarna spelen ze een memoryspel over de vervoersmiddelen.Opvallend genoeg kenden de leerlingen het spel niet, iets wat voor ons hier in België bijna ondenkbaar is. Het doet ons vermoeden dat deze leerlingen als kind andere bezigheden hadden. Ondanks alles, werd het concept al snel duidelijk! We verdelen de spelen (op 3 niveaus) per 2 leerlingen. Op die manier zijn ze actief genoeg bezig. Voor luieren is hier geen tijd! Na het memoryspel volgt een praktischere oefening: we maken van een leegstaand klaslokaal, dat we eventjes onszelf toekennen, een doolhof. Een leerling wordt geblinddoekt, de andere leerling moet de weg uitleggen om tot de overkant te geraken. Toegegeven, het is een gek zicht, maar het is wel effectief. De leerlingen kennen én gebruiken actief hun structuren. De tijd vliegt, na het doorlopen van het parcours (jawel, iedereen is nog heel) , is het bijna middag. Nog eventjes tijd om de stadswandeling uit te leggen dus. Enkele praktische regels worden kort uitgelegd. Ook wordt besproken hoe je mensen gaat aanspreken op straat. Neen, we roepen niet zomaar: hey meisje! We vragen dit dus op een beleefde manier. Na de middagpauze, die tevens echt omvliegt, is het tijd voor de zoektocht. Omdat we de leerlingen optimaal willen stimuleren, lees: zagende, klagende en gevaarlijk stuntelende leerlingen vermijden, besluiten we de groepen zelf in te delen. Elke groep gaat met 2 begeleiders mee. Tussen elke groep zit er een interval van 5 minuten. De zoektocht is een succes. Het mooie weer zit daar zeker voor iets tussen. De leerlingen zoeken actief naar de antwoorden. Als ze het niet vinden, mogen ze extra uitleg of tips vragen aan buitenstaanders. Deze trekken soms wel verbaasde gezichten, maar als we uitleggen wie we zijn, komt er al snel een glimlach tevoorschijn! Enkel uren, kilometers en diepe zuchten later zijn we terug op school. De leerlingen zijn net zoals de begeleiders enorm moe van het vele wandelen. Voordeel van deze opdracht voor de leerlingen: ze hebben constant Nederlands gesproken en Hasselt leren kennen. Voordeel voor ons? Wij zijn weer een kilootje kwijt.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten